
In het Vlaams Communicatiehuis Brussel zal de bezoeker in
contact komen met de verschillende diensten die de Vlaamse
Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie aan-
bieden. Het Vlaams Communicatiehuis Brussel dient een infor-
matiecentrum te zijn dat maximaal haar informatie toont en ver-
spreid.
Deze interactie zal op verschillende schalen gebeuren : steden-
bouwkundig dankzij de strategische inplanting van de gebouwen,
architecturaal door de zonering en interne relaties in het gebouw,
zowel ruimtelijk gebeuren, interactief door folders, displays en in-
formatieschermen en een uitmuntende diensverlening.
Het Vlaams Communicatiehuis Brussel zal een gebouw zijn met
vele kamers, dat uitnodigend, zichtbaar en vooral herkenbaar
moet zijn.
Het Vlaams Communicatiehuis Brussel moet iets hebben van
een ‘thuis’. Een plek waar je aangenaam kan verblijven op hu-
iskamerniveau. Elke gebruiker en bezoeker heeft recht op zijn
portie vriendelijk en huiselijk comfort : de medewerker in zijn wer-
kruimte, de bezoeker op zoek naar informatie en het personeel bij
de uitvoering van haar taken.
2. INPLANTING
Wat het Vlaams Communicatiehuis zo aantrekkelijk maakt, is het
feit dat het de potentie heeft om de wrijvingszone te worden van
de omliggende programma’s : tussen de Muntschouwburg en
het muntcentrum, tussen de drukke ‘Nieuwstraat’ en het nieuwe
hotelcomplex, tussen het Vlaams-Nederlands huis de Buren en
de Schildknaapstraat. Het Vlaams Communicatiehuis vormt hi-
erdoor een belangrijk knooppunt in het stedelijke, culturele en ad-
ministratrieve Brusselse netwerk.
Wat er aan het Monnaie House op dit moment ontbreekt, is een
plek die de bezoekers kunnen bezoeken, waar zij informatie
kunnen krijgen en geven. Een hal die interactie toelaat tussen
bezoekers, cultuurliefhebbers en vertegenwoordigers van het
Communicatiehuis. Een ruimte waar je kan komen zonder er ho-
even te zijn, een overdekte beschutte hal die publiek is maar toch
privaat, een semi-openbare ruimte die onder toezicht staat. De
nieuwe Agora zal het Communicatiehuis maximaal verankeren in
haar stedelijke context. Een hal om geïnformeerd te worden, een
hal waar de werking van het communicatiecentrum zichtbaar is
en blijft.
Om het Communicatiehuis zich maximaal te laten verankeren
in haar omgeving is het belangrijk dat het in contact staat met
haar onmiddellijke omgeving. In de toekomst zal het Communi-
catiehuis toegankelijk zijn langs de vier zijden van het gebouw :
aan het Muntplein, de Koninginnestraat, de Leopoldstraat en de
Schildknaapstraat bevinden zich de respectievelijke toegangen
van het complex.

3. CONCEPT
Het bestaande complex bestaat uit drie gebouwen : het Mon-
naiehouse dat een voormalig kantoorgebouw is, het 19de eeu-
wse Schildknaapgebouw en de ‘nachtwinkel’. Het Monnaiehouse
heeft vandaag een introverte uitstraling aan het Muntplein en
zeven verdiepingen van elk 2.60 hoog.
Het Vlaams Communicatiehuis dient een publiek gebouw te
worden waar binnenkort minimum 300 bezoekers per uur zul-
len ontvangen worden. Het Vlaams Communicatiehuis zal ook
enkele karaktervolle publieksruimtes bevatten : de Agora, het
uitleencentrum, de stadsstudiezaal, de multifunctionele ruimte,
het salon en het café.
De toegangszone aan het Muntplein wordt dubbelhoog gemaakt.
Hierdoor krijgt de overdekte toegang tot het communicatiecen-
trum een meer stedelijke schaal en staat ze in verhouding met het
Muntplein. Door de toegangszone dubbelhoog te maken refer-
eert ze duidelijk naar de bestaande collonade van de Muntschou-
wburg.
De gevels van het 19de eeuwse gebouw aan de Leopoldstraat
worden terug in hun oorspronkelijke toestand gerestaureerd.
Achter deze nieuwe openingen zal het café zichtbaar zijn.
Vier van deze publieksruimtes (de Agora, het uitleencentrum, de
stadsstudiezaal en de multifunctionele ruimte) zijn ondergebracht
in het Monnaiehouse. Het zijn dubbelhoge ruimtes die verspreid
liggen in het gebouw. Via brede trappen slingert de bezoeker
door het gebouw op zoek naar informatie.
‘Er ontstaat een maximale communicatie tussen de verschillende
diensten en ruimtes die de verschillende activiteiten van het Mon-
naie House zullen toelaten en zelfs stimuleren.’


5. PROGRAMMA
De verschillende programmaonderdelen en hun inplanting uit het
schetsontwerp werden sindsdien verder bedacht en verfijnd;
De Agora op het gelijkvloers wordt verder uitgewerkt als een
eerstelijns informatiepunt dat de bezoekers van het VCHB ont-
vangt en verder wegwijst naargelang hun specifieke noden. Een
directe en uitnodigende relatie met de omgeving wordt bekomen
door deze dubbelhoge ruimte te omgeven met een maximaal
transparante en structurele glasgevel. Zodanig wordt de Agora
rechtstreeks gelinkt met het publiek karakter van het omgevende
Muntplein, zodat ook toevallige passanten makkelijk verleid kun-
nen worden tot een bezoek. Als publieke plek bij uitstek biedt de
Agora bovendien de ideale kans om op doeltreffende wijze kunst
in het Vlaams Communicatiehuis te integreren.
De gevel van het 19de-eeuwse Schildknaapgebouw wordt ge-
herwaardeerd tot zijn oorspronkelijke toestand; de originele op-
stand en gevelritmering worden hersteld en de toegangsdeuren
tot de central zullen in deze opzet geïntegreerd worden.
Centraal in het Monnaiegebouw verspreidt de ‘boekentoren’ over
alle verdiepingen zijn informatie via verschillende media (zie ook
hoofdstuk Capaciteit). Op het niveau van de Agora zal deze
centrale kern functioneren als een billboard, een gids voor het
VCHB. De verscheidene programmaonderdelen van de Agora
worden rechtstreeks of onrechtstreeks geïntegreerd in deze cen-
trale toren; specifieke vragen van bezoekers kunnen op oproep
behandeld worden aan één van de uitklapbare balies, vitrines
tonen producten van de Brussels Shop, wachtenden worden
geïnformeerd en aan de zijde van de Schildknaapstraat wordt er
een kranten- en weekbladenhoek voorzien.
Langsheen deze boekentoren leidt een brede trappenpartij naar
een volgende publieksruimte; het uitleencentrum zal als primaire
transitzone functioneren; specifieke informatie wordt verschaft en
media zal zelfstandig of met hulp van het bibliotheekpersoneel
uitgeleend kunnen worden. Het uitleencentrum wordt zowel van
binnenuit als in de gevel geaccentueerd door middel van dub-
belhoge erkers: twee glazen kijkdozen reiken naar buiten en
gaan een duale relatie aan met het Muntplein en de Schildknaap-
straat.
De kinderbibliotheek wordt samen met de baby- en peuterhoek
als aparte afdeling beschouwd en wordt dan ook uitgewerkt als
een afgesloten ruimte; kinderpoortjes behoeden de bezoekertjes
voor verdwalen en garanderen een eenvoudig overzicht voor
zowel bezoekers als personeel. Een speelse en vriendelijke in-
vulling van deze cluster wordt ontwikkeld, onder de trap komt een
knusse vertelhoek met alle faciliteiten en ook de werkplekken
worden ontworpen op maat van de kleinsten. Op de passerelle,
die hier integraal tot de kinderafdeling toebehoort, wordt het een
wederkerig gadeslaan tussen groot en klein.
Onderweg naar de stadsstudiezaal passeert men de cluster Fic-
tie Volwassenen. Zoals de andere clusters wordt deze ruimte
opgevat als een rustiger, meer afgesloten onderdeel van het
VCHB. Het repetitieve grid van de boekenrekken beaamt dit
karakter en wordt aangesterkt met lees- en werkzones. Voor
de bibliotheekrekken wordt een flexibele module ontwikkeld om
bezoekers en bibliotheekpersoneel een eenvoudig gebruik en
instandhouding te garanderen. Extra aandacht wordt besteed
aan de specifieke media in de bibcluster Kunst-Klank-Beeld: aan-
gename lees- en luisterplekken met uitzicht naar buiten of lager
gelegen circulaties worden voorzien en ook hier biedt een glazen
erker een unieke uitzicht op het Muntplein en zijn omgeving. Elke
bibcluster wordt daarnaast ook voorzien van een nabijheidskan-
toor dat centraal wordt ingeplant en voorzien is van alle nodige
logistieke en sanitaire voorzieningen. Op strategische plaatsten
nabij de belangrijke circulatieroutes wordt ruimte geboden aan
de evenementenplekken, die tijdelijk en voor allerlei doeleinden
ingericht kunnen worden.
De passerelles in de dubbelhoge ruimtes die de centrale kern
overal bereikbaar maken zijn afgeboord met individuele werk-
plekken, voorzien van regelbare verlichting en aansluitingen op
data- en elektriciteitsnet. Ze worden constructief en visueel als
losstaande ingreep op het bestaande gebouw opgevat, zo zal hier
de vloeropbouw minder zwaar zijn dan deze van de bestaande
betonconstructie. Met een geribde houten afwerking dragen
ze bovendien bij aan het akoestisch comfort in de dubbelhoge
ruimtes.
Op het derde niveau wordt de stadsstudiezaal een stille, afgeslo-
ten en dubbelhoge ruimte die met zijn drie gevels en bijhorend
daglicht en uitzicht een aangenaam werkklimaat zal leveren. Alle
werkplekken worden ook hier voorzien van data- en stroomto-
evoer.
De polyvalente ruimte op verdieping vijf werd verder verfijnd
als een volledig uitgeruste auditoriumzaal met een tribune voor
tachtig personen. Daarbij wordt een ruime foyer voorzien zodan-
ig dat deze ruimte, net zoals het café, salon en seminarielokalen
in het huidige Schildknaapgebouw volledig autonoom en los van
de bibliotheek kan gebruikt worden.
Circulatie binnen dit afzonderlijk functioneerbaar gedeelte – de
central – gebeurt via een nieuw atrium dat, op de plaats van het
huidige nachtwinkelgebouw, de verschillende niveaus van het
Monnaiegebouw en Schildknaapgebouw verbindt. Het atrium
krijgt net zoals de Agora een maximaal transparante gevel opge-
bouwd uit een structuur van grote glasvlakken en glazen onder-
steunende vinnen. De belasting wordt verder overgedragen op
de betonnen structuur van de trappen en borstweringen.
De circulatieroutes via de brede trappen en doorheen het atrium
worden aangevuld met drie personenliften, die eveneens tot op
het kelderniveau met het algemene sanitair en vestiaire reiken.
De logistieke circulatie vertrekt bij de laad- en loszone aan de
kant van de Koninginnestraat en bedient via een vierde lift de
archieven en stocks op de kelderverdieping, de verschillende bib-
clusters, het café, salon en het central back office op de zesde
verdieping. De kelderverdieping wordt gereorganiseerd om een
optimale doorstroom van mensen en goederen te voorzien, waar-
bij circulaties van food en non-food zo veel mogelijk gescheiden
worden gehouden. Lokalen voor personeel worden uitgerust met
een kitchenette, sanitair en douches.

Een reactie plaatsen
Feed met reacties voor dit artikel